De mogelijkheden van de digitale revolutie voor de Nederlandse Politie
De laatste tijd wordt de politie overspoeld met de hartenkreet van minister Opstelten dat de bureaucratie drastisch moet verminderen, dat we slimmer en efficiënter moeten werken. Daardoor zou er meer blauw op straat komen.
In het korps Limburg-Zuid nam de leiding het initiatief door de medewerkers op te roepen om onnodige administratie (figuurlijk) het raam uit te gooien. Die oproep was niet aan dovemansoren gericht. Vol goede moed werd gestart met het kanaliseren van ideeën die zouden moeten leiden tot meer efficiency en minder administratieve rompslomp. De criminele wereld moest de borst maar nat maken, want men zou te maken krijgen met een politiemacht die daadkrachtiger en efficiënter het kwaad aan de wortel ging uitroeien. Dienders zouden immers achter de computer vandaan komen. Het project kreeg de toepasselijke naam: Simpel & Eenvoudig.
Het werkte als volgt:
Iedere medewerker mocht een idee indienen dat bijdraagt aan het vereenvoudigen van procedures, het verkleinen van de papierberg en het beëindigen van activiteiten die er bij nader inzien niet echt toe doen. Alle inzendingen werden door een speciale werkgroep gewogen en beoordeeld. Gekeken werd onder meer naar de haalbaarheid, de kosten, het effect en eventuele afhankelijkheid van anderen. Maandelijks werd uit de grote berg inzendingen een winnaar gekozen, goed voor een aantal vlaaien, uiteraard naar Limburgse traditie. Deze winnaar deed mee aan de eindronde aan het eind van het jaar. Uit twaalf beloonde maandelijkse ideeën werd het allerbeste plan gekozen. De bedenker daarvan ontving een reischeque ter waarde van duizend euro.
Een mooi idee, aan de eerste ronde deden al bijna honderd deelnemers mee.
Alsof de duvel er mee speelde kwamen gedurende de periode dat het project liep, vanuit de hoek van de minister, de staatssecretaris en van de procureurs-generaal nieuwe protocollen aanwaaien. Simpel & Eenvoudig opende ramen om onzinnige papierkraam naar buiten te werken, tegelijkertijd zetten wij andere ramen wagenwijd open en lieten nieuwe administratie met de kruiwagen afleveren. Die papieren tijgers regelen tot in de kleinste mazen van de wet de inbeslagname, overdracht, bewaring en afhandeling van voertuigen, verdovende middelen en (vuur)wapens. Op de werkvloer werden die protocollen als bureaucratische monsters ervaren. Iemand anders noemde ze walgelijke gedrochten. Uitvoering ervan zal veel extra manuren en geld gaan kosten, als ze al uitvoerbaar zijn.
Intussen blijkt dat er vanaf het moment van de invoering van Simpel & Eenvoudig geen diender extra op straat is gekomen, althans dat is nog niet gemeten, voor zover zoiets meetbaar is natuurlijk.
Het project is ten einde en het ziet er niet naar uit dat het wordt vervolgd.
Mijn werkzaamheden binnen het Regionale Beslag Huis reikten verder dan het administratief werk. Als een soort primus interparis trad ik namens de groep naar buiten en probeerde de bureaucratische en administratieve problematiek op de werkvloer over te brengen naar het management, zowel binnen als buiten het korps.
De voorbije decennia ontwikkelde de politie een soort verzamelwoede en een wirwar aan identificaties van het beslag. In gelijke tred volgden Domeinen (DRZ), het Openbaar Ministerie en de Voorziening tot Samenwerking Politie Nederland (VTSPN). Ik probeerde die ontwikkeling te doorgronden en hier en daar een signaal af te geven om er een halt aan toe te roepen.
Een van mijn opdrachten was om de beheersbaarheid van in beslag genomen goederen te optimaliseren. De aantallen goederen werden – op initiatief van het Openbaar Ministerie – binnen een jaar drastisch teruggebracht door middel van opruimingsacties onder leiding van het OM. Het terugdringen van de nummer- en stickercultuur, alsmede het vereenvoudigen van bestaande protocollen bleek echter een vorm van zelfkastijding te zijn.
Ik werd weggestuurd met dooddoeners als : “de rek is er uit bij de minister”, “we moeten het nu eenmaal uitvoeren, want het is ons opgelegd” of “het heeft geen zin om er iets tegen te ondernemen”.
Ik liet me niet met een kluitje in het riet sturen. Ik ging het gesprek aan met de korpschef, e-mailde de minister, de portefeuillehouder beslag van de Raad van Korpschefs en de directeur politie bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid, stelde tijdens een ontmoeting in Utrecht persoonlijk een vraag aan de nationale kwartiermaker Gerard Bouman en gaf regelmatig signalen af bij de Domeinen en VTSPN. Gerard Bouman noemde de protocollen een diarree aan regels, die een gevolg zijn van doorgeschoten creativiteit. Zij staan volgens hem haaks op de intentie om minder bureaucratie te vormen en ervoor te zorgen dat Nederland veiliger wordt door meer zichtbare politiemensen in de publieke domeinen te laten werken. Bouman legde de verantwoordelijkheid bij de korpschefs én de uitvoerders op de werkvloer. Als er eerder op een professionele manier was omgegaan met de regels die er al lang waren, dan zou men nu niet worden geconfronteerd met zoveel shit, aldus Bouman in zijn reactie..
Zijn metaforische zienswijze gaf mij andermaal nieuwe hoop
In Limburg-Zuid werd naar aanleiding van de kritische opmerkingen, in samenwerking met Limburg-Noord, een impactanalyse van het protocol verdovende middelen uitgevoerd. Daaruit werd de conclusie getrokken, dat er extra fte's bij moesten komen voor dit onderdeel van de bedrijfsvoering. Uiteraard kost het op jaarbasis een bom geld extra. De uitkomst van dat rapport kwa,m terecht bij de kwartiermakers van de Nationale Politie en bij het door de minister ingestelde Beslag Interventie Team (BIT).
Via het BIT kwam mij ter oren, dat mijn initiatieven blijkbaar veel stof hadden doen opwaaien, tot aan de directeur generaal van het ministerie van V&J. Hij ging ervan uit dat gebruik zal worden gemaakt van de impactanalyse die door Limburg-Zuid was opgesteld, Al met al zullen die zaken ertoe bij kunnen dragen dat de protocollen opnieuw zullen worden bijgesteld.
Blijkbaar hebben mijn acties en wellicht die van anderen bijgedragen aan deze ontwikkeling.
Er is nog hoop in het land der blinden.
Mathijs van Boxsel, auteur en schepper van o.a. de Encyclopedie van de domheid, zou zich bij wijze van spreken de vingers aflikken bij zoveel domheid. Maar er is hoop, van Boxsel is nog volop actief om domheid aan de kaak te stellen, In zijn boek wordt het geklets om zichzelf te rechtvaardigen “verbalisatie” genoemd en hij ziet dit als een noodkreet om aan verveling te ontkomen. De noodkreet zit verpakt in principebesluiten, rapporten, notulen, protocollen, petities, jaaroverzichten etc. Hij vermoedt dat protocollen te zijner tijd deel uitmaken van een speciale rapportotheek.
Misschien kan van Boxsel eens gaan praten met minister Opstelten, ofschoon ik mij niet kan voorstellen dat de bewindsman of zijn ambtenaren en medewerkers bij andere instanties zich zitten te vervelen bij zoveel inventiviteit.
Het is de mens in de organisatie die zich bewust moet gaan worden van zoveel domheid. Want, om met de woorden van Doris Reisinger te eindigen: “geen mens is intelligent genoeg de eigen domheid te begrijpen: maar niet getreurd, want intelligentie is niets anders dan het product van de vergeefse pogingen greep te krijgen op de domheid.”
Jacques Smeets
Reactie van Jeannette Blumers op 6 Juli 2012 op 15.01 Beste Jacques;
Wat heb jij dit alles goed en helder beschreven, complimenten.
Maar al die protocollen? Weg ermee.
Begin met de verandering van binnen uit, en leg het niet van buitenaf op.
Domheid? Tja wat zal ik zeggen?
Geen ervaring, geen kennis, geen invoelend vermogen etc etc, scorings geilheid!
Warme groet, Jeannette.
Reactie van Jacques Smeets op 6 Juli 2012 op 19.44 Dank je wel Jeannette,
Protocollen?
Hoorde zojuist op de radio dat in de USA (ook al zo'n natie waar bureaucratie overheerst), dat een strandwacht (badmeester) was ontslagen omdat hij iemand van de verdrinksdood had gered, op een plek die 500 m buiten zijn gebied lag waarop hij toezicht moest houden. Hij had een mens gered maar werd ontslagen omdat hij dat op een plek had gedaan waar hij niet mocht redden.
Zover kunnen regels en protocollen dus doorslaan. Hebben we hier in Nederland nog even te gaan, maar volgens mij zijn we er niet meer ver van vandaan.
Reactie van Jeannette Blumers op 7 Juli 2012 op 22.12 Beste Jacques;
Hoe vreemd zit de wereld in elkaar?
Warme groet, Jeannette.
Reactie van Peter Brouwer op 21 Juli 2012 op 9.44 Jaqcues, ik heb met groot plezier de inrichtingsplannen gelezen waar staat dat men af wil van georganiseerd wantrouwen binnen de politie. Ik zie op alle fronten dat dienders gewantrouwd worden, dat elke incidentele fout werd afgestraft met structurele controle maatregelen en niemand de spreuk "Waar gehakt wordt vallen spaanders" nog accepteert. Blij dat de KNP in ieder geval een poging waagt. Tegelijk ben ik ook groot voorstander van strafvordering, de rechtstaat en het EVRM. Jij vast ook wel.
Reactie van Jacques Smeets op 21 Juli 2012 op 14.08 Plannen bedenken is mooi Peter.
Ik ben zelf betrokken bij een paar plannen die op den duur ervoor moeten zorgen dat politeimensen meer (zelf)vertrouwen krijgen (project Versterking Professionele Weerbaarheid Politie en Mental Zorglijn Politie). Bij elke meeting in dit verband komt het aspect wantrouwen boven drijven.
Uitvoeren van de plannen is twee.
Het klopt dat elke incidentele fout afgestraft wordt met structurele controle maatregelen (invoering protocollen). Uit ervaring heb ik dat meegemaakt t.a.v. inbeslagname en verdere afhandeling van b.v. drugs en wapens. Hier en daar ging een collega in de fout en prompt kwamen er nauwelijks uitvoerbare protocollen. Intussen zijn ze uitgegroeid tot wangedrochten en leveren ze alleen maar meer bureaucratie en ergernis op. Het ergste is dat ze simpele proces sturing totaal onwerkbaar maken. Frustratie alom.
Om terug te komen tot het wantrouwen. Vanaf de reorganisatie in 1994 werd het middenkaner stelselmatig uitgehold tot een soort niemandal, waar verantwoordelijkheid is veranderd in onderlinge communicatie zonder dat daardoor een bijdrage wordt geleverd aan het proces. Brigadiers waren plots geen hulpofficier van justitie meer, die taak ging naar de inspecteur, die er vervolgens zoveel taken bij kreeg dat de functie van h.o.v.j. op diverse fronten niet meer volledig kon worden uitgevoerd. Brigadiers moesten plannen gaan bedenken voor teams. Die plannen bleken vervolgens niet volledig uitvoerbaar omdat het personeel ervoor ontbrak. Inspecteurs moesten naast de functie van h.o.v.j. ook teamchef zijn, d.w.z. zij kregen het gehele beoordelingstraject over zich heen (functioneringsgesprekken enz.), ze werden leider van de dag, coördinator en informatie knooppunt, ze moesten de briefings verzorgen etc.
Als je dan bedenkt dat de brigadiers en inspecteurs vóór de reorganisatie meedraaiden in de 24-uurs noodhulp, dan kun jij je wel voorstellen waarom er nu zo weinig politie in uniform te zien is. Het is niet voor niks dat de minister steeds opnieuw roept: minder bureaucratie, meer blauw op straat.
Die ontwikkeling zorgde er voor dat het zelfvertrouwen van dienders door de jaren heen sterk afnam, immers het zelfstandig beslissen werd meer en meer afgenomen en verplaatst naar een hoger niveau. Gevolg: er is een soort verantwoordingscultuur ontstaan waarin je kunt zeggen dat bijna niemand zich meer verantwoordelijk voelt (doorschuiven). Die ontwikkeling liep samen met die van de samenleving (meer inspraak, vrijheid van meningsuiting, hufterigheid, filmen van politieoptreden, ongefundeerde en ongenuanceerde meningen en reacties via Internet).
Nu zitten we met de gebakken peren en moet er een grote ommezwaai gemaakt worden. Het zelfvertrouwen moet hersteld worden, dan zal het gezag vanzelf terugkeren. Maar dan zal de politie in zijn algemeenheid en de diender (ook de leiding) een nieuwe (sterke en duidelijke) positie gaan innemen t.o.v. de samenleving. De samenleving zal duidelijk moeten zijn dat de politie ingevolge art. 3 van de Politiewet werkt en niet meer als vriend en helper. In die constructie kan het niet anders dat ik ook een groot voorstander ben van strafrecht/strafvordering, de rechtstraat en het EVRM. Protocollen dienen teruggebracht worden tot heldere, eenvoudige en krachtige uitvoerbare richtlijnen, immers als je met zovelen aan dezelfde taak werkt, moet er structuur zijn.
Opmerking
Welkom bij
Politie 2.0
Februari 15 2013 van 21.00 tot Mei 31 2013 bij 12.00 – Bij jouw in de buurt
April 4 2013 van 18.00 tot Mei 30 2013 bij 19.00 – La Vie Utrecht
Je moet lid zijn van Politie 2.0 om reacties te kunnen toevoegen!
Wordt lid van Politie 2.0